Typhoon, Specialist in Stirring & Mixing Technology
English Nederlands Deutsch
ATEX GECERTIFICEERD ROEREN EN MENGEN - 01-02-2007

ATEX REGELGEVING, RAAKPUNTEN VAN ATEX 137 EN ATEX 95

De Arbo-wet (voor België de ARAB) verplicht de werkgever om een risico inventarisatie en evaluatie (RI&E) uit te voeren waaronder de risico’s van ontploffingsgevaar vallen. Vanuit de Arbo-wet moet de werkgever de nodige maatregelen treffen om ontploffingen te voorkomen of gevolgen te beperken.

Vanaf 1 juli 2006 moeten alle arbeidsplaatsen voldoen aan de minimum eisen van de 1992/92/EG (ATEX 137) richtlijn.
De ATEX 137 richtlijn geeft de minimumvoorschriften voor de verbetering van de gezondheidsbescherming en de veiligheid van werknemers in een ontploffingsgevaarlijke omgeving. Dit betekent dat er een explosieveiligheidsdocument moet worden opgesteld waar de mate van ontploffingsgevaar in zones staat weergegeven. De zonering wordt vastgelegd aan de hand van de frequentie en duur van het optreden van een ontplofbare atmosfeer zoals weergegeven in onderstaande tabel (zie norm NPR 7910-1 en -2).

Aan elke zone is een machinecategorie verbonden waarbij de essentiële eisen aan machines staan omschreven in richtlijn 94/9/EG (ATEX 95, verplicht sinds juli 2003). De ATEX 95 is bedoeld voor apparaten en beveiligingssystemen, zowel elektrisch als niet-elektrisch, voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen. De fabrikant, diens gemachtigde of degene die explosieveilige machines in de handel brengt en/of in bedrijf stelt, past de ATEX 95 richtlijn toe.

Het feit dat alle arbeidsplaatsen dienen te voldoen aan de minimum eisen van richtlijn ATEX 137 impliceert niet dat alle machines in gebruik voldoen aan de ATEX 95. Wel dient van iedere arbeidsplaats een beoordeling van de explosierisico’s te worden gemaakt waarin alle machines worden meegenomen. Van de niet ATEX 95 gecertificeerde machines dient een uitgebreidere beoordeling te worden opgesteld die kan leiden tot aanpassingen van bestaande machines (verbetering van de veiligheid) of zelfs tot investering in nieuwe machines. De omvang van de maatregelen die genomen moeten worden hangt af van het ontploffingsrisico die een zone met zich meebrengt.

Wanneer we het hebben over de investering in nieuwe machines is één van de grootste vraagtekens, wie is wanneer en vooral waarvoor verantwoordelijk. Het antwoord op deze vraag geeft aan waar ATEX 137 en ATEX 95 elkaar ontmoeten; waar ontmoeten gebruiker en producent elkaar.

De gebruiker blijft verantwoordelijk voor de bepaling van het ontploffingsgevaar en de mate hiervan, uitgedrukt in de zone, en specificeert eveneens de temperatuurklasse, gasgroep (bij gassen) en mate van conductiviteit (bij stoffen). Aan de hand van deze gegevens weet een leverancier met behulp van richtlijn ATEX 95 de juiste machine met de bijbehorende machinecategorie te bepalen. Wanneer een zonering wordt toegekend aan een bepaalde ruimte is het vanuit financieel oogpunt belangrijk dat er niet wordt over-gezoneerd. Dit leidt tot extra kosten en maatregelen.

ROEREN EN MENGEN IN EEN ONTPLOFFINGSGEVAARLIJKE OMGEVING
Volgens de ATEX 95 richtlijn moet worden onderzocht welke ontstekingsbronnen aanwezig kunnen zijn in combinatie met de waarschijnlijkheid van voorkomen. Voor het roerwerk wordt een ontstekingbronnen risicoanalyse gedaan, waarbij de categorie bepaalt welke ontstekingsbronnen moeten worden beoordeeld. Een roerwerk wordt vaak toegepast in meerdere zones, bijvoorbeeld de zone in de tank en die erbuiten, waardoor er verschillende categorieën moeten worden beoordeeld. 

In de norm NEN-EN1127-1 worden 13 ontstekingsbronnen vermeld waarvan de onderstaand genoemde het meest van toepassing zijn op roerwerken:

  1. Elektrische apparaten
    Een elektrische component als ontstekingsbron is te elimineren indien gebruik wordt gemaakt van de juiste elektrische componenten conform de ATEX 95 richtlijn.
  2. Hete oppervlakken
    Deze ontstekingsbron kan voorkomen als gevolg van wrijving tussen stilstaande en bewegende delen (lagers en afdichtingen). De maximale optredende oppervlaktetemperatuur dient te worden bepaald voor de van toepassing zijnde categorie en dient lager te zijn dan de gespecificeerde temperatuurklasse. Levensduur berekeningen worden opgemaakt zodat onderdelen preventief kunnen worden vervangen.
  3. Statische elektriciteit
    De mate van aanwezigheid van deze ontstekingsbron is moeilijk te bepalen en het gevaar wordt vaak onderschat. Factoren van buitenaf kunnen van invloed zijn (statisch geladen personen, storten van poeders, etc) waardoor gekozen wordt het ontploffingsrisico weg te nemen door slim te ontwerpen, voldoende te aarden, het toepassen van antistatische materialen, inertiseren en het dragen van antistatische kleding en schoenen.
    Statische elektriciteit komt het meest voor bij droge stoffen, en niet geleidende vloeistoffen.
  4. Mechanisch opgewekte vonken
    De ontstekingbron ontstaat doordat twee delen elkaar raken en een vonk vormen met als gevaar dat dit zich direct ontwikkeld tot een ontploffing. Het weghalen van deze ontstekingsbron is dan ook de beste oplossing door het kiezen van de juiste materialen, het toepassen van lage relatieve snelheden en het in acht nemen van een hoge zekerheid dat twee delen elkaar niet onbedoeld kunnen raken.

Mechanisch opgewekte vonken samen met statische ontlading zijn in 80% van de gevallen de ontploffingsoorzaak bij roerwerken.

Indien het ontploffingsgevaar niet kan worden beperkt door oplossingen in het ontwerp (“protection by constructional saftety”) kan worden geopteerd om de aanwezigheid van zuurstof te elimineren door onderdompeling (“protection by liquid immersion”). Tevens kunnen de nodige veiligheidsdetecties worden voorzien om de risico’s verder te beperken (“protection by control of ignition sources”).

Als voorbeeld kan in het geval van een “top entry” (high shear dispergeer processen) waarbij de doorvoer uitkomt in de head space van de tank met een ontploffingsgevaarlijke omgeving, gekozen worden voor een dubbel mechanical seal met spervloeistof voorzien van veiligheidsdetecties waarbij niveau en temperatuur van spervloeistof worden gecontroleerd.

TYPHOON EN ATEX

Typhoon Roertechniek B.V. – leverancier van meng- en roersystemen voor diverse processen in verschillende branches - is sinds de inwerkingtreding van de nieuwe ATEX 95 richtlijn actief met het volgens de regelgeving ontwerpen en produceren van roerwerken. Internationaal zijn naast standaard roerwerken een groot aantal ATEX gecertificeerde roerwerken geleverd.



HET OPLOSSEN VAN 105KG DROGE STOF IN 35L WATER

ATEX     Machinecategorie 3D, zone 22

Compleet systeem bestaande uit skid met bordes voor het lossen van pallets, hopper met doseerinrichting (load cell’s), tank, roerwerk met dispergeer-element en besturing volledig ontwikkeld en geproduceerd door Typhoon Roertechniek B.V.








HET BEVOCHTIGEN VAN 20KG POEDER IN 80KG OPLOSMIDDEL

ATEX     Machinecategorie 1G, zone 0 in de tank
Machinecategorie 2G, zone 1 buiten de tank

Systeem bestaande uit elektrische hefinrichting, schakelkast, bedieningskast en roerwerken.



Ingenieursbureaus en eindgebruikers kiezen regelmatig voor de kennis van Typhoon Roertechniek B.V. op het gebied van meng- en roertechniek in combinatie met ATEX.

TYPHOON ROERTECHNIEK BV, JULI 2006

Terug naar nieuws
Typhoon Roertechniek BV  T: +31(0)162 522122  E: info@typhoon.nl